Diagnose & jouw keuze

Begin oktober mocht ik de CT-scan bij Dr. Bloem bespreken. Wat van voren op de röntgenfoto niet te zien was, zag je met de CT-scan in 3D heel goed: aan de voorkant raakte de kop de kom. Het bot daar had aangegroeide knobbels en het onbelaste bot van de kom vertoonde holtes; cystes. Goed nieuws: erkenning! Ik kwam eindelijk in aanmerking voor een operatie. Ik kan niet zeggen hoe groot die opluchting was. Tranen, ja.

CT-scan
CT-scan: van opzij zie je dat de kop de kom raakt.

Maar dan. Meteen maar de operatie laten inplannen bij de eerste de beste arts die erkent dat mijn heup versleten is? Dan ken je mij nog niet.

Keuzen

Veel mensen verlammen op het moment dat ze patiënt worden en denken dat de dokter wel weet wat goed voor ze is. Zonder enige dokter tekort te willen doen (behalve die eerste, zoals je misschien begrijpt), is dat maar ten dele waar. De medische wetenschap is geen wiskunde en artsen verschillen van mening en van aanpak. Ik ook. Ik was zó opgelucht dat iemand mijn pijn eindelijk erkende en dat ik in aanmerking kwam voor een operatie. Op aandringen van mijn lief heb ik toch een aantal keuzen gemaakt die doorslaggevend zijn geweest voor het proces, de operatie en de rest van mijn leven.

  • Arts
  • Ziekenhuis of kliniek
  • Type prothese, met name de levensduur
  • Type operatie

(c) sathish_artisanzArts

Nog een fabel: “De arts weet wel wat goed voor je is” – artsen weten heel veel en steeds meer. Maar gezondheidszorg is geen wiskunde en verschillende artsen hebben verschillende visies, bekwaamheden en staan onder verschillende invloeden.

Mijn onbeschrijflijk grote opluchting na de eerste afwijzing was, dat Dr. Bloem mij serieus nam, evenals de huisarts, de fysiotherapeuten en andere orthopeden. Omdat mijn ervaring met die eerste zo slecht was, aarzelde ik lang om op zoek te gaan naar een optimale operatie in alle facetten. Ik ben ervan overtuigd dat een goed vertrouwen tussen arts en patiënt bijdraagt aan een zorgvuldige operatie en een goed herstel. Communicatie drijft namelijk op dit vertrouwen en is erg belangrijk in alle facetten van de zorg, zo niet doorslaggevend.

Toen ik eenmaal ging googelen en ziekenhuizen en klinieken ging bellen omdat veel informatie niet op internet staat, kwam ik dus bij een derde orthopeed uit: Henkus van het Park Medisch Centrum. Ik kon alleen een afspraak maken als ik een doorverwijzing van mijn huisarts had. Dat vond ik lastig; ik stond toch al in de wachtrij bij Bloem?

Eén telefoontje naar de assistent van mijn huisarts was echter genoeg. De doorverwijzing ging per e-mail naar de kliniek.

Ziekenhuis of kliniek

Het verschil tussen een ziekenhuis en een kliniek is, dat een kliniek een beperkt aantal handelingen doet en een ziekenhuis alle. Als er dus complicaties zijn tijdens een operatie, zit je niet goed in een kliniek. Dan moet je naar een ziekenhuis vervoerd worden. Daarom zal een kliniek je ook vooraf screenen.

Beide worden vergoed door de verzekering. Als je maar keurig een doorverwijzing van je huisarts vraagt. In mijn geval werd die drie keer gegeven, de derde keer zonder enige vraag.

Het voordeel van een kliniek is, dat er weinig zieke mensen komen en dus relatief weinig kans op infectie is. De cijfers die ik kreeg waren 1% bij de kliniek tegen 3% in het ziekenhuis. Nu moet je weten dat een infectie het ergste is wat je met een heupprothese kan overkomen. Omdat een prothese geen biologisch materiaal is, kan het de infectie zelf niet bestrijden en kom je er ook met antibiotica moeilijk bij.

Eerlijk is eerlijk: een bevriend arts legt uit dat het verschil grotendeels verklaarbaar is doordat een kliniek alleen ‘gezonde’ mensen aanneemt. Het betekent dus dat mensen met risico’s voornamelijk in het ziekenhuis behandeld worden en daardoor er bij hen eerder infecties optreden. De kans dat je als ‘gezond’ mens in het ziekenhuis geïnfecteerd raakt is maar een heel klein beetje groter dan in de kliniek. Als je in een kliniek wel een complicatie krijgt, moet je direct over naar een ziekenhuis, waar ze alles kunnen en mogen. Je begrijpt dat dat geen pretje is.

Verder vind ik persoonlijk de sfeer in een kliniek wat prettiger: minder massaal en een minder betuttelende benadering door het personeel. Het Park Medisch Centrum levert bovendien een uitgebreide handleiding op papier mee, dat schijnt niet overal te gebeuren.

Type prothese, met name de levensduur

Ik ben bijna 53. Een prothese die 10 tot 15 jaar meegaat is dus niet ideaal. Toevallig hoorde ik van ‘keramieken’ protheses. Daarover staat bijna niets op internet. Nabellen bij diverse ziekenhuizen en klinieken levert ook weinig op, behalve enige spraakverwarring.

Dit is wat ik weet:

Keramiek is geen keramiek en al helemaal geen porselein, al noemen de medici het wel zo. Zowel artsen als ander ziekenhuispersoneel. ‘Keramiek’ is zogenoemd ‘keramisch metaal’, wat ook al niets met keramiek te maken heeft. Het is Al2O3; aluminiumoxide, dat vervolgens gesinterd wordt. Daarmee wordt het superhard en dus slijtvast. Voor het gemak en omdat iedereen het toch zo noemt, noem ik het verder op deze site toch maar keramiek.

Er zijn gevallen (ca 1%) van mensen met een keramieken kop en een keramieken kom waarbij het piept bij het lopen of hurken. Dat is natuurlijk niet fijn. Erger is, dat keramiek-op-keramiek kan breken of zelfs versplinteren. Bergman Clinics meldt echter dat dat alleen bij de kleinste maat (28 mm) voorkomt – die zij dus niet toepassen. Essentieel is dat ook de prothese van Bergman in principe een levenlang mee kan. Orthopeden Hogervorst en Oostenbroek van Bergemn hebben net als Henkus 15 jaar ervaring met keramieken heupprothesen en het is op dit moment de minst slijtende heup.

De Corail van DePuy (onderdeel van Johnsons & Johnson) die ik nu heb, bestaat uit een titanium steel die in het merg van je bovenbeen zit met een coating waardoor je bot er goed aan vast groeit. Daarop zit een keramieken kop. Dit valt in de kom, ook van titanium met coating. Daartussen zit een ‘lining’ (voering) van polyethyleen; PE, het spul waar ze snijplanken van maken. Er is volgens Henkus 25 jaar evaring mee en 95% van de geopereerden loopt hier nog klachtenvrij mee rond. Vallen, hardlopen en andere schokken kan de prothese niet goed aan. Verder kun je er alles mee, schijnt het.

Ik heb alle ziekenhuizen en klinieken in de omgeving afgebeld. Vanwege die verwarring over het keramiek dat geen keramiek is, kreeg ik veel verwarrende informatie. Bergman Clinics biedt wel keramiek op keramiek.

In elk ziekenhuis en elke kliniek zoeken artsen naar de beste prothese. Dat leidt tot verschillende leverancierkeuzes, want zoals gezegd, medicijnen is geen wiskunde. Helaas hebben zorgverzekeraars hier veel invloed op en hun belang is zuiver financieel. En dan alleen op de korte termijn.

Als je relatief jong bent, vraag dan naar de levensduurervaringen van de prothese. Als je actief sport, vraag naar de valveiligheid. Bedenk wat je graag met de prothese (weer) wilt gaan doen en vraag ernaar.

Ik begrijp dat de meeste protheses, zo niet alle, modulair zijn. Dat wil zeggen, dat als de kop stuk gaat, je niet ook de steel hoeft te vervangen. Dat scheelt.

Type operatie

Je heupgewricht kun je van achteren, van opzij en van voren bereiken. Afgezien van waar je het liefst die ritssluiting van 14 cm (in mijn geval) wilt hebben, verschilt het effect van de verschillende benaderingen enorm.

Ik heb gekozen(!) voor de zogenoemde voorste benadering, ook wel Franse methode of de zogenaamde ‘AMIS’. AMIS staat voor Anterieure (latijn voor ‘voorste’), Mini Invasive (vrij vertaald: inbrengen van een voorwerp via een kleine wond – nou ja, klein: 14 cm bij mij), Surgery. Niet nieuw, zoals chirurgen zeggen die je spieren doorsnijden, maar al sinds de 19e eeuw.

Let wel, http://www.voorstebenadering.nl is het ‘uithangbord’ van Heinse Bouma, orthopedisch chirurg Bergman Clinics, Naarden. Het biedt informatie voor zijn patiënten en vele anderen. Er staan verhelderende plaatjes op. Ook Tom Hogervorst van Bergman Clinics legt het nog eens uit op zijn website https://www.orthopedieteam.nl/nl/heup/voorste-benadering/.

De meeste klinieken en chirurgen zijn duidelijk in hun keuze. Dat kan per ziekenhuis of kliniek verschillen. Waarom zijn er nog steeds chirurgen die de voorste benadering niet uitvoeren? Het is een heel ander soort operatie, waarvoor een lange leercurve bestaat; ze moeten heel veel operaties doen voordat ze deze benadering beheersen. Ik hoor 50 tot 200 operaties.

Voordelen voorste benadering korte termijn

Je mag sneller weer normaal bewegen, bijvoorbeeld direct je been buigen tot 90 graden met je romp en slapen in elke houding die je wenst, je herstelt sneller omdat de chirurg geen spieren doorsnijdt. Minder pijn, dus minder pijnstillers nodig. Je kunt dus ook snel weer naar huis. Het Park Medisch Centrum hield me een nachtje vast, bij dr. Vehmeijer van het Reinier de Graaf mag je dezelfde dag nog naar huis. Maar dat geldt alleen voor patiënten die in aanmerking komen voor dagbehandeling op basis van de pre-screening en dan nog lukt het niet altijd.

Ik kon mijzelf de dag na de operatie zelf aankleden met hulpinstrumenten. Ik stond de dag na de operatie thuis zelfs weer onder de douche. Je mag op je zij slapen; met de andere benaderingen mag je 6 weken lang alleen op je rug slapen, dat is voor sommigen dus 6 weken lang slapeloosheid. Ik moet zeggen dat op mijn zij liggen op mijn bionische been na een paar minuten wel pijn doet (2 weken na de operatie nog steeds), dus daar wacht ik nog even mee.

Voordelen voorste benadering lange termijn

Tijdens de operatie kan de chirurg checken of alles goed zit, omdat je spieren allemaal in tact blijven. Dat betekent dat je stabieler loopt en niet gaat ‘waggelen’, wat sommige mensen na een heupoperatie wel ervaren.

De heup schiet minder snel uit de kom; luxatie.

Beperking voorste benadering

Je BMI moet wel onder de 35 zijn. Je BMI (Body Mass Index) is je gewicht in kilogram gedeeld door je lengte in meters in het kwadraat: BMI = gewicht/(lengte)2. Je kunt het bijvoorbeeld hier berekenen: https://www.berekenen.nl/bmi.

Bij een deel van de mensen ligt een huidzenuw vrij hoog en moet de chirurg die doorsnijden. Dat betekent dat een plekje op je been een tijd ‘doof’ is, of zelfs blijft na een jaar. Als je echt pech hebt wordt het een pijnlijke plek. Bij mij is op dit moment (twee weken na de operatie) een plek ter grootte van 4 bij 20 cm doof. Dit gebied ligt aan de buitenkant van de wond. Ik heb er geen last van.

Overigens moet de chirurg je spieren wel opzij leggen tijdens de operatie. Daarvoor moet hij ze behoorlijk uitrekken en daar kun je ook last van krijgen. Ik ben nu, 17 dagen na de operatie, nog niet 100% pijnvrij.

Een reactie plaatsen

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *